Contact Service
Artikel 7.4. Aankleding
Inhoud
Sluit inhoud voor documentview -->
Alles aan
Alles uit
Filterselectie
Gebruiksfuncties
Type
Pagina afdrukken

Artikel 7.4. Aankleding

1.

Aankleding in een besloten ruimte mag geen brandgevaar opleveren. Dit gevaar is niet aanwezig indien de aankleding:

  1. a.

    een ondergeschikte bijdrage aan het brandgevaar levert;

  2. b.

    onbrandbaar is, bepaald volgens NEN 6064;

  3. c.

    voldoet aan brandklasse A1 als bedoeld in NEN-EN 13501-1;

  4. d.

    voldoet aan de eisen voor constructieonderdelen als bedoeld in afdeling 2.9, of

  5. e.

    een navlamduur heeft van ten hoogste 15 seconden en een nagloeiduur van ten hoogste 60 seconden.

2.

Bij een besloten ruimte voor het verblijven of vluchten van meer dan 50 personen is het eerste lid, onderdeel e, niet van toepassing, indien de aankleding:

  1. a.

    zich bevindt boven een gedeelte van de vloer waar zich personen kunnen bevinden;

  2. b.

    de verticale vrije ruimte tussen de vloer en de aankleding minder dan 2,5 m is, en

  3. c.

    niet direct op de vloer, trap of hellingbaan is aangebracht.

3.

Aankleding in een besloten ruimte die niet direct op de vloer, trap of hellingbaan is aangebracht mag geen brandgevaar opleveren. Dit gevaar is niet aanwezig indien de aankleding:

  1. a.

    een ondergeschikte bijdrage aan het brandgevaar levert;

  2. b.

    onbrandbaar is, bepaald volgens NEN 6064;

  3. c.

    voldoet aan brandklasse A1 als bedoeld in NEN-EN 13501-1 of

  4. d.

    voldoet aan de eisen voor constructieonderdelen als bedoeld in afdeling 2.9.

4.

Materiaal ter plaatse van of nabij apparatuur en installaties die warmte ontwikkelen voldoet aan brandklasse A1, als bedoeld in NEN-EN 13501-1 of is onbrandbaar, bepaald volgens NEN 6064, indien:

  1. a.

    op het materiaal een intensiteit van de warmtestraling kan optreden die, bepaald volgens NEN 6061, groter is dan 2 kW/m², of

  2. b.

    in het materiaal een temperatuur kan optreden die, bepaald volgens NEN 6061, hoger is dan 90 °C.

5.

In een besloten ruimte zijn geen met brandbaar gas gevulde ballonnen aanwezig.

6.

Het eerste tot en met vijfde lid gelden niet voor een niet-gemeenschappelijke ruimte.

7.

Bij ministeriële regeling kunnen nadere voorschriften worden gegeven over de bijdrage aan brandgevaar van aankleding.